Van de kaart, 21-11-2016

dsc07382Koen heeft een plan. Hij heeft er blijkbaar al enkele dagen en nachten op zitten broeden.‘Bevalt goed hè dat motorboot varen?!’ En ja, ik moet zijn opmerking beamen. Ik heb het ook uitermate goed naar m’n zin op onze motorboot Heavy Metal. ‘Ik ben benieuwd of het zeilen straks ook zo goed bevalt. Wordt nog spannend.’ ‘Uhm,’ zeg ik met een glimlach, ‘we kunnen natuurlijk altijd nog motorboot blijven varen.’ ‘Dat is nu precies wat ik heb bedacht! Ik heb in mijn hoofd al tekeningen klaar voor de aanpassingen. Er moet natuurlijk een pilothouse op de kuip komen.’ ‘Dan kunnen we Europa vanaf de rivieren verkennen. De Rijn en de Moezel op, en de Donau afzakken!’, doe ik nog een duit in het zakje. ‘Nee, da’s veel te koud!’ ‘Zullen we het dan toch maar niet doen?’ We kijken naar elkaars vette glimlach en pretoogjes. We voeren zulke gesprekjes vaak. Vreemd genoeg (of juist niet want we zijn echte soulmates) spoken er vaak dezelfde gedachten door onze hoofden. En weten we als we ze hardop uitspreken dat het spinsels zijn, gedachten, niet bedoeld als werk in uitvoering. De gesprekken die hieruit volgen lijken echt, een buitenstaander zou denken dat we het allemaal serieus van plan zijn. Wij weten wel beter…

Na een mistige en koude dag varen, draaien we het Canal lateral à la Marne op. Het is recht, goed onderhouden, omzoomd door bomen en bos en langs het laatste stuk kalkrotsen. De stad Chalôn-en-Champagne is net zo klassiek en Frans als haar naam doet vermoeden. Fraai gerestaureerde vakwerkhuizen en stadsvilla’s gebouwd van een vulkanische steensoort, de gevels versierd met kiezels. We vallen met de neus in de boter; een Nederlandse kapitein van een spits, compleet met geruite blouse, geloof, hoop en liefde in zijn oor, gebreid mutsje en de meest felblauwe ogen die ik ooit gezien heb, meldt ons dat er deze zondagmiddag een grote braderie in de stad is. Hij houdt ervan om op de kanalen in Frankrijk te varen, er wordt niet gehaast, neem de tijd is het motto, je kunt overal aanleggen en niemand die daar moeilijk over doet. Afgelopen jaar was hij in totaal slechts twee maanden in Nederland. Hij vaart morgenochtend naar de silo iets verderop om brouwersgerst te laden. Dat vervoert hij dan naar Lieshout. Wij denken nog een keer aan hem als we één van de laatste blikjes Bavaria open trekken.

Bij Vitry-le-François koersen we het Canal entre Champagne et Bourgogne op. Oftewel het Canal de la Marne à la Saône. Maar die eerste bekt natuurlijk veel lekkerder. En dan is het ook nog eens beaujolais-tijd. En dus komt Koen ‘s morgens vroeg terug van de bakker met een fles beaujolais en een soortement saucijzenbrood waar je met een heel gezin van kunt eten. Heerlijk! Dat wordt een paar dagen verwennerij aan het eind van de middag met opgewarmde sneeën ondefinieerbaar (maar lekker) vlees omhuld met smeuïg bladerdeeg.
Op dit kanaal zijn de aanlegplaatsen iets schaarser. In de namiddag besluiten we na ieder sluisje dat we bij de volgende gaan aanleggen. Helaas volgen er drie sluisjes waar geen aanlegmogelijkheden zijn. De zon is nu onder en de schemer zal snel overgaan in ‘donker’. Dus dan maar voor de volgende sluis, ‘in het wild’, aanleggen. Er is geen steiger, kademuur of damwand en geen bolders. We gaan de HM aan de meegenomen meerpennen, die we in de berm slaan, vastleggen. Koen stuurt de punt van de HM netjes naar de wal. Ik kruip onder de spanbanden van de mast door en stap alvast over de preekstoel. Juist als ik aan wal wil springen wordt het te ondiep en stuitert de boot een beetje terug. Ik zie de berm onder me verdwijnen. Een adrenalinestoot giert door mijn lijf. Ik kan mijn voet nog net terugzetten op de rand van de boot, maar hang nu als aapje aan de buitenkant van de preekstoel. Gelukkig ziet Koen mij in het halfdonker nog wel hangen, geeft hij een flinke dot gas en kan ik toch nog zonder een nat pak in de berm springen. Als ik Lund had geheten was ik nu waarschijnlijk bibberend en besmeurd met modder en waterplanten uit het kanaal gekropen. Maar gelukkig heeft de Geurts/Van Daal-beschermengel zijn werk wederom serieus genomen en zend ik hem een dikke kus.

De volgende dag halen we alsnog een nat pak. Het is grijs, miezerregen, koud. Maar we willen niet in the middle of nowhere blijven liggen dus op naar Saint Dizier. Degene die de sluisjes in dit kanaal heeft ontworpen heeft zijn diploma denk ik cadeau gekregen bij een pakje boter. We varen stroomopwaarts, dat wil zeggen dat we in de sluis omhoog geschut worden. Als het schutten gereed is stroomt het water zowat over de kademuur. Als we geen kiel hadden zouden we bij een beetje wind bijna de tuin van het sluiswachtershuisje in drijven. Het ziet er bijzonder uit maar het is ook goed opletten. Helaas, maar niet verwonderlijk met al het blad en ander herfstafval in het water, weigeren bij enkele sluizen na het schutten de deuren. Die blijven potdicht. We bellen met de VNF (de Franse rijkswaterstaat). Quelq’un venir! We zijn totaal van de kaart als we het witte autootje met het mannetje van de VNF à la minute zien verschijnen. De sluisdeuren worden door hem met de hand open gedraaid. Fantastisch toch!
We raken ook van de kaart van de vriendelijkheid van de Fransen en in het bijzonder van de VNF-mannetjes. Ze zijn groots in behulpzaamheid, wijzen ons op goede aanlegplaatsen en melden telkens weer dat we ons op tijd moeten melden voor het openen van bruggen en sluizen die nog met de hand bediend worden. De Franse overheid verrast ons ook telkens weer. Bij elke Halte Picnique en veel Haltes Nautique kun je gratis aan een steiger in of net buiten het dorp aanleggen. Vaak ook nog met gratis elektriciteit en water en goede WiFi.

We zijn overigens echt van de kaart. Van de elektronische Navionics-waterkaart (onze vaar-TomTom) wel te verstaan. Het kanaal houdt plotseling op te bestaan, er mist een deel. En regelmatig varen we op het land, enkele tientallen meters naast het kanaal. Best knap! Nu zijn we inmiddels gewend aan het feit dat we maar 0,0 meter water onder de kiel hebben (wat neer komt op een paar centimetertjes schatten we in)…, maar land onder de kiel… Onze HM is een veelzijdige dame, maar toch echt geen amfibievoertuig. Al beginnen we daar aan de kade in Saint Dizier wel aan te twijfelen. Gelegen tegenover het stedelijk zwembad komen er dagelijks klasjes schoolkinderen voorbij. Één voor één draaien de hoofdjes onze kant op. Blijkbaar is dit toch wel een bijzondere bateau. We zijn trots!…
Ook trots als we alle reacties op onze site lezen. We vinden het echt superfijn en lief dat jullie meeleven! Dank je wel allemaal, ook voor alle complimenten!

15 gedachten over “Van de kaart, 21-11-2016

  1. Thea en Henk Beantwoorden

    Hallo Yvonne en Koen,
    Weer een heel leuk verslag van jullie heerlijke reis. We genieten iedere keer weer ervan. Complimentmenten voor jou Yvonne voor de manier waarop jij alle leuke en minder leuke dingen beschrijft. Geniet ervan en blijf ons laten genieten van jullie belevingen.
    Liefs, Henk en Thea

  2. wilma Beantwoorden

    na dagen geen mail te kunnen gebruiken nu weer bij met lezen .heel spannend leuk team geurts/van daal groet van wilma

  3. Anoniem Beantwoorden

    Hai Yvonne en Koen ,

    Heerlijk, wederom een prachtige reisverhaal. Het leest zo lekker weg. Ik kijk uit naar het vervolg.

    Thnx xxx Mary

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.