Boem is geen ho…, juli 2021

‘It’s up to you, New York, New York!’ Good old Frank Sinatra schalt uit de telefoon als we met de dinghy naar SY Freydis varen. Om te toasten met Paula en Jim en met Geesje en Ate van SY Walkabout, Nederlandse zeilers die we ook al op Bonaire hebben leren kennen. We proosten op onze gezamenlijke aankomst in de Big Apple, in New York! Het is grijs, het miezert, het is naar onze maatstaven ijskoud, slechts een graad of 18. Maar dat alles mag de pret niet drukken. Wij zijn met onze eigen HM langs het Vrijheidsbeeld gevaren. We werden net voor de monding op zee verwelkomd door twee walvissen. We zijn gewoon zomaar deze metropool in gezeild. Zomaar het anker gedropt met uitzicht op de skyline van Manhattan. We zijn trots op onszelf en op onze Hare Majesteit.

De volgende dag doen we het nog eens dunnetjes over. Met de dinghy varen we een rondje om het Vrijheidsbeeld. We cirkelen tussen enkele ferry’s door die volgepakt zijn met toeristen. Wat gaaf is het toch om hier ‘op eigen kiel’ te zijn. Wat ik minder gaaf vind is dat we op deze eersterangs ankerplek behoorlijk liggen te rollen door het vele ferry-, pleziervaart- en vrachtverkeer. Ik slaap hierdoor ‘s nachts slecht en stel daarom voor om New York door te varen over de East River en dan in Port Washington, een dorp aan de Long Island Sound, voor anker te gaan. Van daaruit kunnen we vrij eenvoudig dagelijks met de trein en metro naar New York reizen. Qua kosten ongeveer gelijk aan de prijs van een mooringboei op de Hudson River waar Koen eigenlijk naar toe wil. Dat is vlakbij Central Park en dus midden in de stad. Maar ik ben bang dat we ook daar onrustig liggen. Na enkele uurtjes wikken en wegen besluiten we koers te zetten naar Port Washington.

Het is zaterdag, rond het middaguur is het goede tij om te vertrekken. Het miezert en voor het eerst sinds heeeeele lange tijd hebben we een (regen)jas en een lange broek aan. Die moesten van ver komen en ruiken behoorlijk muf… Het varen door New York is groots, we kijken onze ogen uit. Onder de Brooklyn Bridge door, langs Manhattan, Queens en The Bronx op, het is ondanks de regen een geweldig tochtje.

Port Washington is een enorme baai, omzoomd door groen en gigantische villa’s in de stijl a la Dynasty en Dallas. Zoals op heel veel ankerplekken zijn de mooiste plaatsen, dicht bij het dorp en/of in de luwte, ingenomen door mooringboeien. In dit geval veelal bezet door lokale boten. Maar gelukkig is hier ook nog voldoende plek om, achter het mooringveld, te ankeren. We liggen stevig vast. Ja, dit is een goede plek om de boot een hele dag achter te laten om New York onveilig te gaan maken. Morgen is het 4 juli en gaan we een knallende vuurwerkshow in Manhattan meemaken.
En er is ons niets teveel beloofd. Het is meer dan overweldigend. Vanaf vijf pontons in de East River wordt gelijktijdig en synchroon een spetterend vuurwerkspektakel afgeschoten. Het is erg druk met toeschouwers en we vrezen voor de terugweg. Maar de NYPD heeft alles onder controle. De toestroom naar de metrostations verloopt vloeiend en de hele meute waaiert rustig en gestructureerd uit over deze gigantische stad.

De volgende ochtend weer vroeg uit de veren, ontbijten, hapje en drankje mee, de dinghy in en op naar het station. Na enkele minuten signaleren we een politieboot achter ons. Ok, niet teveel op letten. Maar Koen ziet vanuit zijn ooghoek dat ze onze kant op komen en gebaren dat we moeten stoppen. We varen te hard, de snelheidslimiet is hier 5 m/ph. Oei, dat wisten we niet. We zagen de snelheidsbeperking wel vlakbij de town-pier staan, maar zo ver waren we nog niet. Ze vragen naar onze bootpapieren. Tja, die liggen op de HM. Prima, dan varen ze wel even mee daar naar toe. Getver, die trein gaan we dus missen. Aan boord van de HM overhandig ik de papieren. De agent wil tevens weten of we reddingsvesten in de dinghy hebben liggen. “Nee, die nemen we alleen mee als het echt slecht weer is en we het open water op gaan”, is mijn antwoord. Ik toon me van mijn allerbeste kant en vraag geïnteresseerd wat precies de regels zijn waar we ons aan moeten houden als we in de dinghy varen. We weten dat er behoorlijk wat zijn en dat ze niet in elke staat gelijk zijn. En we willen ons echt wel netjes gedragen in ons gastland. Dan volgt de riedel: we MOETEN ons overal waar ‘no wake’ staat of binnen 100 feet (30 meter) van elk ander vaartuig aan de speedlimit van 5 m/ph houden (en dat is hier in de gehele baai) en daarnaast reddingsvesten, een vuurpijl, seinvlaggetje, een rondschijnend wit lampje, een fluitje en een anker aan boord van de dinghy hebben. En de dinghy moet een registratienummer hebben. En hoe ik ook probeer uit te leggen dat dat in Nederland voor onze dinghy niet nodig is, men houdt voet bij stuk dat ze in ieder geval moeten kunnen zien dat de dinghy bij de HM hoort. Na 10 minuten wachten komt de aardige man (not!) terug met drie! bekeuringen. Één voor te snel varen, één voor geen reddingsvesten en één voor geen fluitje aan boord van ons Veertje. Ja hey, dat is toch te gek! Het stoom komt uit mijn oren. Ze hebben niet eens gevraagd of we een fluitje in de dinghy hadden liggen!!! En dat hebben we toevallig dus wel! Ik ga hierover nog even in discussie met de goede man. Maar die geeft aan dat ik maar beter kan ophouden want ze hadden ons ook nog bekeuringen kunnen geven voor geen registratie, en geen anker etc. Nog meer stoom uit mijn oren! Koen maant me tot kalmte en we nemen maar gauw afscheid van deze …. Grrrr….!! Dit hebben we nog nooit meegemaakt. We zijn in andere landen wel eens door de lokale waterpolitie aangesproken voor iets te snel varen of andere kleine overtredingen waarvan we geen weet hadden. Nog altijd heeft het ‘ik ben buitenlander en was er niet van op de hoogte en ik zal het nooit meer doen’ geleid tot een waarschuwing en een vriendelijk praatje. Hier dus niet 🙁 .

Ok. Tot tien tellen. Of tot vijfhonderd. We bekijken de bekeuringen. Er staat geen bedrag op. We moeten op de formuliertjes aangeven of we vinden dat we schuldig zijn, het onderbouwen, ondertekenen en naar het kantongerecht opsturen. Een rechter bepaalt dan de hoogte van de boete. Getsie. Tuurlijk staan ze in hun recht en waren we in overtreding volgens de wet. Maar één bekeuring was dan toch ook mooi geweest? Ik stop het weg en we gaan opnieuw onderweg naar het station. Leuke dingen doen.

Als rasechte Nederlanders moet er natuurlijk gefietst worden in NYC. We huren citybikes en verkennen Central Park en de omgeving eromheen. Het is warm, hoogzomer. Als we moe, bezweet en happy de fietsen aan het eind van de middag terugbrengen verbaast de jonge, schriele gast achter de balie zich erover hoe lang we zijn weggebleven. “Yes, hey, we are Dutch, man!”
We duiken de metro in en dompelen onszelf nog even onder in de drukte van Timesquare. Verwennen onszelf met een megalekkere ijskoffie van Starbucks en genieten van de straatartiesten en de gigantische reclame-ledschermen om ons heen. Daarna de metro weer in, bij Flushing Mainstreet eruit. Deze Chinese wijk is heerlijk om doorheen te lopen. Overal kraampjes op straat, gezellig druk, eendenpoten, kippesnavels en nog veel meer bijzonders te koop. Één straat door naar het treinstation waar de Long Island Rail Road ons terugbrengt naar Port Washington in een glanzende, zilvergrijze enorm lange trein. Terwijl we in de hete zon zitten te wachten op het perron zie ik links in de verte een donkere bloemkoolwolk ontstaan. Die groeit vlotjes de blauwe hemel in. Zo een die onheil voorspelt. “Zouden we nog droog op de HM aankomen?” “Laten we het hopen. Het lijkt nog best ver weg en we moeten nog een half uurtje precies de tegenovergestelde richting op. Zal wel goed komen.”

Eenmaal in de trein lijkt de wolk ons te volgen. En steeds loodgrijzer te worden. En groter. En onheilspellender. Er klinken al wat donderklappen. We zijn nog een paar kilometer van het eindstation verwijderd als vette regendruppels tegen de ramen van de trein spetteren. Eerst een paar. En vervolgens meer en meer en meer. Tegen de tijd dat we moeten uitstappen plenst het. Niet gewoon heel harde regen, maar bakken hemelwater worden over het stadje uitgegestort. En daarbij waait het als een dolle. De regen komt zo’n beetje horizontaal naar beneden. Het is gekkenwerk om daar doorheen te gaan lopen. De wandeling naar het dinghydock is anderhalve kilometer. Normaal gesproken een mooi tochtje, maar niet in deze enorme thunderstorm. Oorverdovende donderslagen overstemmen de keiharde regen. We schuilen bij het stationsgebouwtje onder een kleine overkapping. We zijn niet de enigen want zelfs de paar meter naar de parkeerplaats zijn genoeg om doorweekt bij je auto aan te komen. Ik heb de rugzak op mijn buik hangen en omklem deze stevig om zo min mogelijk plek in te nemen op de schuilplaats. Ik voel de telefoon in de tas trillen. Iets in mij zegt dat ik gelijk moet kijken. Als ik de telefoon open zie ik een gemist audiogesprek in Messenger. En gelijk daar achteraan een getypt bericht. Van Martina van de Zwitserse catamaran Vairea die we ook al kennen vanaf Bonaire en die hier ook in de omgeving van New York rondzwerft. Het berichtje luidt: ‘Dorothee from SY Invia called me, Heavy Metal is on drift!!’ SY Invia is ook een catamaran, een Duits stel dat we heel even gesproken hebben toen we enkele dagen geleden bij het Vrijheidsbeeld geankerd waren. “Koen! De HM is aan het driften!” Mijn hart bonkt bijna mijn borstkas uit. “We moeten gaan!” Koen kijkt me verdwaasd aan. “Ja, kom, rennen!” We stuiven de striemende regen in. Binnen enkele minuten zijn we drijfnat en lopen we te soppen in onze gympen. Bij elke kruising is de enigszins hellende weg veranderd in een stromende beek waar het water tot aan de enkels staat. Mijn conditie is niet voldoende om de anderhalve kilometer hardlopend te overbruggen. “Ren jij maar door, dan kun je de dinghy alvast van het slot halen.” Maar Koen houdt ook even in. Het heeft natuurlijk ook geen zin als ie dadelijk op mij moet wachten bij het dinghydock. Weer even hollen en dan weer even snelwandelen. De dinghy in. En hozen, want in het bootje staat zeker 10 centimeter water. Na de bekeuringen van gisteren durven we sowieso niet meer hard te varen, maar met zoveel liters water en dus kilo’s erin, komt ons Veertje ook niet echt lekker vooruit. Koen vaart, ik hoos. Gvd, laat ik de hoosbak uit mijn handen schieten. Nou ja, het meeste regenwater is eruit. Inmiddels is de ergste regen ook voorbij. Gelukkig is het nog steeds niet koud. Of zorgt de paniek voor interne verwarming in mijn lichaam? Als we in de buurt van de ankerplek van de HM komen zien we geen HM… Ok… De boot is gaan driften, maar waarheen? Geesje van de Walkabout wijst ons de richting waar de HM naar toe gedreven is. We kijken en zien nog altijd geen HM maar varen naar de aangewezen lokatie. En dan valt mijn oog op onze dame. Ver weg… Heel ver weg… Hoe is het mogelijk? Ze ligt ongeveer 900 meter verderop. Dwars door een mooringveld met heel veel boten van locals gedreven. Net voor de ondiepte voor de wal tot stilstand gekomen. Jim en Ate (resp. van Freydis en Walkabout) zijn al poolshoogte wezen nemen. We komen ze onderweg tegen. De HM heeft in ieder geval één boot geraakt en beschadigd. De adrenaline giert door mijn lijf. Oh my god. Wat zullen we aantreffen?

Op de HM aangekomen zorgen we er allereerst voor weer safe achter ons anker te liggen op een ankerplek wat verder van de wal. Dan nemen we de schade op. Een flinke deuk in het zwemplateau, de zwemtrap is verbogen, de beugel van de joon krom, één zonnepaneel nog netjes in het frame, alhoewel wat gedeukt, maar het glas is totaal aan gruzelementen, helemaal craquelé. In de kuip is alles zeiknat. Onze stalen meid heeft blijkbaar met de kont in de wind (vast?)gelegen. Wat een geluk dat we het hier soms wat frisjes vinden en daarom de afgelopen weken de houten deurtjes in plaats van de horren in de ingang hangen om de kajuit af te sluiten. Anders was binnen ook alles kleddernat geweest.

Het is opgehouden met regenen en de zwartgrijze wolken zijn weggedreven. Maar in onze hoofden is alles nog steeds zwartgrijs. Ontredderd zitten we in de kuip. De lokale watertaxi komt onze kant op gevaren. De kapitein vertelt ons dat de HM een boot van een lid van zijn yachtclub heeft geraakt. En bevestigt daarmee het verhaal van Jim en Ate. Hij vertelt ons dat hij 75 knopen wind op zijn windmeter voorbij heeft zien komen. Het was absurd. Wat? Pffff…. De vriendelijke man informeert nog even of wij OK zijn en zal de betreffende booteigenaar inlichten.

Van andere geankerde boten horen we dat de windstoten tussen 45 en 55 knopen (windkracht 10) zeer plotseling daar waren. Het veroorzaakte behoorlijke golven en alle geankerde boten zijn gaan driften. Het geluk voor alle anderen was dat er bemanning aan boord was om de motor te starten, in de vooruit te zetten om botsingen te voorkomen of anker op te gaan tot de storm voorbij was. Van de crew van Invia, de lui die Vairea hebben gevraagd contact met ons op te nemen, horen we dat de HM langs hun catamaran driftte. Zij hebben door het plaatsen van stootwillen schade kunnen voorkomen. Wilden daarna gelijk hun dinghy laten zakken om aan boord van de HM te gaan kijken of ze iets konden doen om verder wegdrijven te voorkomen. Maar op dat moment ging hun eigen boot driften en was het alle hens aan dek om hun eigen schip veilig te stellen.

Koen bakt een eitje. En schenkt een glas wijn in. We evalueren samen of we iets verkeerd hebben gedaan of iets hebben nagelaten. En komen tot de conclusie dat het antwoord op beide vragen ‘nee’ is. We lagen al enkele dagen safe en stevig achter ons anker. Meer dan voldoende ankerketting uitgelegd. Alle dagen stond het ankeralarm aan. De track op de plotter laat een mooie halve cirkel rondom het anker-waypoint zien. Geen verplaatsing van het anker te constateren. We hebben dagelijks meerdere malen het weer gecheckt. Voor vandaag was er geen heftig onweer en/of windstoten van deze orde voorspeld. Je kunt niet altijd aan boord zijn. Dit leven is immers niet bedoeld om alleen maar land vanaf het water te zien. Het is bedoeld om landen, culturen, steden, natuur te ontdekken en verkennen. Met deze conclusie gaan we enigszins tot bedaren gekomen slapen. Maar je zult begrijpen dat het een onrustige nacht is.

In de vroege ochtend staat de zon alweer heerlijke warmte af te geven. Alle doorweekte kleding en schoenen hangen her en der te wapperen in een licht briesje. We zitten aan het ontbijt en bespreken nogmaals wat er nu fout is gegaan gisteren. Niet dat we er nog iets aan kunnen veranderen, maar wellicht wel iets van leren. Maar wederom stellen we vast dat hier geen menselijk falen aan de orde was. Zowel Zeus als Thor zijn ons deze keer niet goed gezind geweest en blijkbaar hebben we de afgelopen tijd ook minder goed voor onze beschermengelen gezorgd. We hebben gewoonweg heel veel pech gehad gisteren. Waren we vanaf een mooring op de Hudson River NYC gaan verkennen…, hadden we geen overheerlijke ijskoffie op Timesquare gedronken…, dan was alles anders gelopen… Maar zo denken heeft geen zin.
Terwijl wij nog aan de ontbijt-koffie zitten wordt de eigenaresse van de door de HM beschadigde boot door de watertaxi bij ons afgezet. Een tot in de puntjes verzorgde Diane. Heel correct, maar ook bezorgd en teleurgesteld omdat haar ‘baby’ gehavend is. Ik leef met haar mee want de schade is dusdanig dat het best een beetje verontrustend is. Waarschijnlijk heeft onze zwemtrap tijdens de botsing een aantal scheuren in de polyester romp van haar 9 meter lange donkerblauwe zeilboot Tigris gemaakt. Gelukkig boven de waterlijn, dus ze zal niet gelijk zinken, maar het is wel door en door waardoor lekkage van buitenaf mogelijk zou kunnen zijn. Na het uitwisselen van onze gegevens nemen we afscheid met de belofte elkaar goed op de hoogte te houden via whatsapp. Wat volgt is het invullen van formulieren, het beantwoorden van vragen van de verzekeringsmaatschappij en het proberen gerust te stellen van een ongeduldige en overbezorgde mevrouw Diane. Mede vanwege het feit dat de uitloper van orkaan Elsa overmorgen deze kant op komt. En naast behoorlijk wat wind ook veel regen met zich mee zal brengen. Ik begrijp haar bezorgdheid maar kan er verder ook niet veel mee. We hebben het uit handen gegeven aan de verzekeraar. Maar het bezorgt mij wel een aantal onrustige dagen.

Twee supervriendelijke gasten van de waterpolitie komen ook nog even langszij. Om onze gegevens op te nemen voor het geval we er vandoor willen gaan zonder de schade af te wikkelen… Ze maken geen proces verbaal op omdat ze al van mevrouw Diane hebben begrepen dat het allemaal wel goed gaat komen. Wij willen zelf ook graag dat ze ons nog kunnen traceren want we kunnen nog steeds bijna niet geloven dat we maar één boot geraakt hebben tijdens de drift. De agenten hebben tijd genoeg en vragen Koen het hemd van het lijf over de energievoorziening op de boot. Van hun zijde krijgen we toeristische tips over plaatsen die we zeker moeten bezoeken en dat we vooral niet mogen vergeten de heerlijke wijnen van Long Island te proeven. Dan vertelt Koen dat we gisteren drie bekeuringen hebben gekregen. Dat kunnen ze niet geloven. “Let me see those tickets!” Koen overhandigt ze aan de jongste van de twee die er een blik op werpt en gelijk zegt: “throw them away!”. Dan gaan de mannen in discussie. “Oh it’s him….” En dan volgt een gesprekje over de zogenoemde eikel van een collega die de bekeuringen heeft uitgeschreven. En komen ze samen tot de conclusie dat er niets te traceren valt als we de boel verscheuren. Mede omdat er geen achternaam, geen geboortedatum en geen paspoortnummer op vermeld zijn. En verontschuldigen deze twee relaxte gasten zich voor hun collega’s. “We never fine tourists for this.” Breedlachend nemen we afscheid. Dat is dan weer een geluk bij een ongeluk…

Het is bloedheet. En na de administratieve schadeclaim-klus in een benauwde kajuit is het goed toeven in de dinghy om de waterlijn (die tot 10 centimeter boven de antifouling bruin is van het choco-rivierwater) schoon te maken. En daarna een (zeer) verkoelende duik te nemen. Hier en daar zie ik blauwe verf op het zwemplateau en de romp. Sporen van de aanvaring die ik vooralsnog niet uitwis. Alles is inmiddels gefotografeerd, maar toch maar even afwachten nog. Mijn gedachten draaien nog steeds overuren. Ik voel me niet meer gerust om een hele dag van boord te gaan om NYC verder te verkennen. Naast de deukjes in de HM heeft mijn vertrouwen ook een enorme deuk opgelopen. Hoe gaan we dat oplossen? Ik wil aan een mooringboei gaan liggen. Die is de eerste nacht gratis, daarna $ 25,- per nacht. Dat is nog wel te overzien. Het is in ieder geval veel voordeliger dan alle schade die we nu zelf hebben opgelopen. En met Elsa in aantocht zien we de ankerplek leger worden en het mooringveld voller. Wij gaan ook verkassen. Veiliger en beter voor de geestelijke gezondheid.

We zitten Elsa uit aan boord. Gelukkig loopt dat allemaal met een sisser af. Op een plens regen en een paar windstoten van 30+ knopen na waait ze ons voorbij. En als de zon dan weer hoog aan de hemel en in mijn hoofd aanwezig is, kunnen we weer op verkenning uit.

NYC is geweldig. We bekijken de stad van bovenaf op het Empire State Building en bezoeken het 9/11 memorial en museum wat grote indruk maakt en ons die onwerkelijke dag uit 2001 doet herbeleven met veel gevoeligheid.
The Vessel, een glanzend kunstwerk wat uitsluitend bestaat uit trappen is curieus en bijzonder. De High Line, waarbij je over een historische treinbaan wandelt die nu is ingericht als wandel- en natuurpad, een fraai stukje landschapsarchitectuur in de stad. Op één dag lijken we van Amsterdam (the Meat District) zo in China (China Town) en vervolgens in Italië (Little Italy) terecht te komen. We lunchen er heerlijke pasta vergezeld van een glas (lekkere) huiswijn voor de prijs waar wij normaal gesproken minimaal twee hele flessen voor kopen. Maar de bediening met een Italiaans accent maakt alles compleet en goed.

En natuurlijk doet na zes dagen door de avenues struinen onze nek zeer van alle sensationele klassieke en hypermoderne wolkenkrabbers.

Op de laatste dag nemen we een Chinese afhaalmaaltijd mee bij één van de mini eethuisjes in Flushing waar we dagelijks overstappen op de trein. En moeten we toch ook echt een ‘boba’ kopen bij het tentje waar uitsluitend allerlei soorten van dit Chinese drankje verkocht worden. Navraag leert dat het een variëteit milkshake is met bolletjes van een soortement gummibear/winegum erin en ijsklonten. Er zit een vrij dik rietje in de plastic beker. Terwijl we op de trein wachten neemt Koen een eerste slok. Ik zie donkerbruine vlekjes door het doorschijnende rietje omhoog schieten als Koen er aan zuigt. Het is echt een heel merkwaardig gezicht. Ik zie ‘m verschieten als de gummibear-bolletjes zijn mond in ploppen. “Heel apart!”, lacht Koen verwonderd. Ik lig in een deuk om zijn koppie. Die Chinezen zijn (voor ons) toch vreemde wezens voor wat betreft eetgewoonten. Melk met ijs en naar drop smakende konijnenkeutels…

We hebben genoeg gesjokt, in onze herinneringen opgeslagen en genoten van de Big Apple.
We hebben bericht ontvangen dat de verzekering de schade aan Tigris gaat regelen en vergoeden. Jippie!
We hebben verse proviand ingeslagen.
Koen heeft als een volleerd hairstylist mijn haren geknipt.
We hebben zin om verder te gaan. Verder naar het noorden want we hebben inmiddels meer tijd voordat we rechtsomkeer moeten maken. Waarom? Wel, op vrijdagmiddag ben ik nog maar weer eens op het internet aan het surfen om een vakantiehuisje of studio in de buurt van Deltaville te zoeken. Voor als de HM daar op de werf staat en we een aantal weken teveel zooi aan boord zullen hebben om tijdens de werkzaamheden ook nog op de boot te kunnen wonen. En wederom verbaas ik me over de gigantisch hoge prijzen. Zelfs in oktober en november is het schrikbarend duur. En dan moeten we er ook nog een auto bij huren. Ik word er een beetje sikkeneurig van. Hoe gaan we dat aanpakken zonder ‘failliet’ te gaan? Op het moment dat we er over zitten te brainstormen ontvangen we een Messenger bericht. Dit keer met goed nieuws… Met een ‘offer we can’t refuse’: de vraag of we volgend jaar een maand of negen op een hond, kat, tuin en huis willen passen met gebruik van hun auto. Op Bonaire. Het eiland dat een speciaal plekje in ons hart heeft. Waar een goede bootwerf is. Maar waar je niet op de boot mag wonen tijdens het klussen en die daarom nooit een optie voor ons is geweest. Maar met dit aanbod… We zijn gelijk enthousiast. Maar zijn ook wel zo nuchter ingesteld dat we er eerst nog een paar nachtjes over gaan slapen en het even laten bezinken. Twee etmalen verder weten we het zeker. We zeggen ‘ja!’. Tegen een relaxte klusvakantie voor ons en een complete renovatie van onze Majesteit die daar zeker ook heel gelukkig van gaat worden. We kunnen alles heel gedegen aanpakken en tegelijkertijd ook nog eens een duikje maken, terrasje pikken, snorkelen, Bonairiaanse kennissen ontmoeten, wandelen en fietsen en, en, en… Dat is toch top!? Danki Hans & Anja, dat jullie aan ons gedacht hebben!

Wederom plannen gewijzigd dus. Reservering van de plaats op de werf in Deltaville annuleren. Dan richting Maine, daarna voor de herfst uit weer langzaam afzakken naar de zuidelijke staten en eindigen in Florida. Onderweg klusjes doen zodat de HM een half jaartje langer in het water kan overbruggen. Roestplekjes en kleine lekkages verhelpen. Onze dame een beetje pamperen vanwege het uitstel van het groot onderhoud. En dan via de Bahama’s en Dominicaanse Republiek naar Bonaire. Of via Bermuda, West Indies? Of via?… Weer heel veel stof tot nadenken. Gelukkig ook nog heel veel tijd. We hoeven pas uiterlijk begin februari 2022 op Bonaire te zijn.

15 gedachten over “Boem is geen ho…, juli 2021

  1. Anita Beantwoorden

    Nou nou…. wat een verhaal weer!!! Super spannend allemaal. Gelukkig komt het allemaal goed. Fijne tijd tegemoet
    Groet van Auke en Anita.

  2. Erik Beantwoorden

    Potverdorie, dat is schrikken!
    Het lijkt nog goed afgelopen. Maar dit wíl je niet meemaken.

    Gelukkig komen jullie weer aardige mensen tegen.
    En dan de wending: Bonaire;-)

    Ik hoop dat het rotgevoel snel wegzakt en dat jullie een fijne tijd hebben daar en lekker veel leuke dingen kunnen doen!

    Dank voor het weer mooie, pakkende, beeldende en spannende verhaal.
    Groet, Erik

  3. peter en monique Beantwoorden

    Jeeee lieffies,
    ik moest sneller lezen of jullie majesteit er nog wel was wat een spannend moment zal dat ook voor jullie geweest zijn pfff .
    Ik was blij toen ik bij die woorden aan was gekomen .
    Ook een mooi vooruitzicht Bonaire in het voorjaar heerlijk hoor .
    Dikke knuffel en liefs van ons .

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.